Hij wist dat hij niet lang meer had. Wij wisten het ook.
Toen we die middag bij hem kwamen om afscheid te nemen, was het eerste wat hij zei: kom, pak die kruk mee, dan gaan we buiten op het balkon zitten.
Dat balkon was nog geen twee vierkante meter groot. We zaten er met z'n drieën. Hij kon daar roken, en dat wilde hij nog steeds, ook al was het zijn longen die hem tot dit afscheid hadden gebracht.